Duinoord > Stratenboek > Banstraat
Banstraat
Banstraat
Joan Ban
Joan Albert Ban (Haarlem, ongeveer 1597 - Haarlem, 1644) was een Nederlandse rooms-katholieke priester, rechtsgeleerde, kanunnik, componist en muziektheoreticus. Ban was ook wel bekend als Joannes Albertus Bannius, Johan Albert Ban en Johan Albert Bannius
Als componist was hij volledig autodidact. In 1628 werd hij kanunnik in Haarlem. Hij was onder meer bevriend met René Descartes, Pieter Corneliszoon Hooft en Constantijn Huygens en correspondeerde met Marin Mersenne.
Gedurende twintig jaar wijdde Ban zich aan de ontwikkeling van een systeem waarin de tekst muzikaal wordt uitgedrukt door middel van specifieke intervallen, harmonieën en ritmes. Deze ’methode’ sluit aan bij de Italiaanse madrigalen van die tijd. Zijn systeem noemt hij musica flexamina of zielroerende zang.
Ban correspondeerde hierover met Mersenne en met Huygens, die als tussenpersoon dienst deed. In 1640 overtuigde Mersenne Ban ervan zijn opvattingen over tekstuitdrukking in de muziek toe te passen op een door hem bezorgde liedtekst, Me veux tu voir mourir, om dan Bans compositie te kunnen vergelijken met een compositie van een Fransman op dezelfde tekst. De Franse componist bleek de erg gewaardeerde Anthoine Boësset te zijn, en zijn air de cour bleek al voor de compositiewedstrijd te zijn geschreven. De Fransen vonden de compositie van Boësset beter dan de onverwachte klanken van Ban, waarop Ban zich beledigd voelde. Hij schreef aan Huygens dat de Fransen onbeleefd waren. Descartes mengde zich in de discussie met een brief aan Ban, waarin hij uitlegde dat het in de muziek niet om wetten maar om smaak en conventie draait (R. Rasch, 2007).
Ban paste zijn systeem toe in zijn bundel Zangh-bloemzel, uitgegeven in 1642, dat tien Nederlandstalige driestemmige madrigalen bevat en een instrumentaal werk voor vier viola da gamba’s, Vulcaens Winckel.
Muiderkring
Ban gebruikte voor zijn madrigalen teksten van leden van de Muiderkring; Maria Tesselschade Roemers Visscher, Pieter Corneliszoon Hooft en Constantijn Huygens. Van dit werk is echter geen volledig exemplaar bewaard gebleven; de sopraanpartij ontbreekt.
Eigen Nederlandse termen
De nieuwe Nederlandse muzikale termen die Ban bedacht in zijn Kort Sangh-Bericht vonden weinig weerklank (in tegenstelling tot de Nederlandse wetenschappelijke termen die Simon Stevin bedacht). In de uitgave van Bans Zangh-Bloemzel staat de hele lijst (zie de webstek van Stichting Huygens-Fokker). Hij bedacht woorden als meeklank voor consonant en vierling voor kwart.
Werken
Van Bans werken zijn er maar enkele bewaard gebleven. Bekend zijn Zangh-Bloemzel uit 1642 en Kort Sangh-Bericht uit 1643.
